Aflevering 428 Culturele blindheid van critici

Foto: Susan Hol, 2019, van eigen exemplaar catalogus feministische kunst internationaal, p.31.

De weg die vrouwen meestal gaan is een circulaire beweging die thuis begint en thuis eindigt, met daartussen de kindertijd, school en een korte werkperiode, aldus Phil Goodall in haar artikel in 1977 (zie ook aflevering 427).*

Als een vrouw carrière wil maken op creatief gebied, is ze een vreemde eend in de bijt: van haar worden andere dingen verwacht, bijvoorbeeld dat ze als moeder en huisvrouw door het leven gaat. Dit beperkt de kansen van vrouwen zo enorm, dat het leidt tot een verharding van de emotionele standpunten bij vrouwelijke kunstenaars die het wél hebben gemaakt. Zij snappen ‘dat hele feminisme’ niet en zijn van mening dat elke vrouw met talent en lef het kan maken.*

Die verharding is bepaald niet verbazingwekkend lijkt mij en Goodall geeft daar zelf de redenen voor.

Kunst van vrouwen krijgt een hoop kritiek te verduren, schrijft ze. Het wordt soms triviale kunst genoemd en het verwijt klinkt dat het alleen vrouwen aanspreekt. Critici vinden daarnaast dat deze kunst niet vernieuwend is vanuit het oogpunt van de kunsten.

Terwijl vrouwen weten dat de inhoud van hun werk zeer belangrijk is, hebben critici last van culturele blindheid, aldus Goodall. Deze critici maken bezwaar tegen:

  1. De validiteit van de inhoud, de ideologie. Zij vinden dat politiek gescheiden moet zijn van kunst. Als je vecht voor verbetering van levensomstandigheden, dan doe je dat maar in de politieke arena en niet in de kunst.
  2. De specificiteit van compositorische elementen en beelden van de kunst van vrouwen. Volgens de critici kunnen alleen een paar vrouwen het begrijpen en niet de mensheid in het algemeen.*

Nu is de kritiek op ideologische inhoud (punt 1.) een loze kritiek, want ideologie heeft een lang kunsthistorisch verleden. Goodall noemt als voorbeeld Goya.* Francisco de Goya valt bijvoorbeeld in een reeks van tachtig etsen de Spaanse inquisitie aan, schrijft Jesse Bryant Wilder in zijn boek Kunstgeschiedenis voor Dummies(2008, p.212), waarop te zien is dat mensen worden gemarteld en een tekst aangeeft waarom dit gebeurt: ‘omdat hij als jood geboren is’, ‘omdat hij een vreemde taal spreekt’ of ‘omdat zij te gevoelig was’.

Volgens Goodall is het juist omdát er bijna altijd een ideologisch inhoud aanwezig is – openlijk of verborgen, de status-quo bevestigend of revolutionair – dat de beeldende kunst krachtig kan zijn. Vrouwelijke kunstenaars herstellen openlijk en bewust de centrale plaats van sociale waarden in kunst in ere.

Voor wat betreft punt 2…

*Uit: Phil Goodall, Growing point/Pains in ‘Feministo’. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.211-211.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 427 Creativiteit, communicatie en esthetica

Monica Ross, 1975–79 Feministo: The Women’s Postal Art Event. Gevonden op: https://www.monicaross.org/artworks/Feministo.html.

In het blad MaMa – Women Artists Together, januari 1977, is ook een bijdrage van Monica Ross (1950-2013) te vinden over Feministo (zie ook de afleveringen 423-426). Ross spreekt vooral vanuit haar kunstenaarschap en schrijft dingen als:

‘het doel is communicatie, niet een perfecte esthetica’, en ‘we strijden tegen isolement, vinden onze eigen vrouwenkunst uit’, en ‘in tegenstelling tot het hedendaagse werk in het gangbare kunstwereldje is het werk niet-technologisch, niet-academisch’, en ‘we hebben een gezamenlijke vijand – de enorme onverschilligheid ten opzichte van onze creativiteit – die ons verenigt’, en tot slot ‘wij communiceren, wij bevechten elkaar niet’.*

Het overige dat Ross schrijft over Feministo is al een aantal keer genoemd postkunstwerken Feministo (zie bijvoorbeeld de afleveringen 145, 265, 381-384, 423-426).

‘Creativiteit omvat in wisselende mate fysieke, emotionele en intellectuele processen’, schrijft Phil Goodall in MaMa. Volgens haar kan in de beeldende kunst Mark Chagal een emotioneel schilder genoemd worden en Piet Mondriaan meer een intellectuele. In de filosofie ziet creativiteit eruit als een hoofdzakelijk abstracte vorm, in de architectuur als een concrete fysieke vorm.**

Goodall kan geen gebied bedenken waar het emotionele creatieve proces helemaal losstaat van het intellect.**

Creativiteit wordt van oudsher geleid door huisvrouwschap en kinderen opvoeden, bij vrouwen dan. Dus hun creatieve krachten worden direct gevoed door het gezin dat centraal staat als de bron van reproductie van de beroepsbevolking en de scheiding van de seksen, aldus Goodall. Mannen daarentegen drukken óf hun creativiteit uit buiten de privésferen in hun werk, óf ze hebben feitelijk geen bron van creatieve expressie op hun werk (handwerk) of thuis (waar de vrouw dat gebied al in bezit heeft genomen). Hun creativiteit is verbannen naar ‘vrije tijd’.**

*Uit: Monica Ross, Portrait of the Artist as a young woman: a postal event. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.211-211.
**Uit: Phil Goodall, Growing point/Pains in ‘Feministo’. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.211-211.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 426 Het echte leven laat niemand onbewogen

Susan Hol, Waterkan en kom, jaren 1990, aquarel, 29 x 43 cm.

De vrouwen in het Feministo-project krijgen feedback van elkaar op hun postkunstwerk (zie aflevering 425). Daarnaast kom het publiek op de tentoongestelde werken af. Deze beide aspecten geven vrouwen die eerder hun kunstpraktijk hadden opgegeven de stimulans om het weer op te pakken.*

Tot hilariteit van de kunstenaars was bij de eerste tentoonstelling een bordje opgehangen met de tekst ‘Ongeschikt voor kinderen’. Lekker ironisch voor kunstwerken gemaakt door moeders, aan de keukentafel, die ze delen met hun eigen kinderen. Er zijn maar weinig vrouwen met een eigen studio, wat zeker kan verklaren waarom het werk van thuisgebonden vrouwen veel meer verbonden is met hun eigen leven dan het werk van mensen die wel een studio bezitten. Materialen en afbeeldingen maken deel uit van het eigen leven.*

Een voor vrouwen toegankelijke visuele taal dat een weerslag is van hun eigen ervaringen, heeft een lange geschiedenis, aldus Roszika Parker. De zestiende-eeuwse schilder Sofonisba Anguiscola is de uitvinder van een type portretkunst dat bekend staat als ‘huiselijk genre’, met een schilderij van haar zusters die schaak spelen. Dit genre is in de door mannen gedomineerde kunstwereld altijd als tweederangs beschouwd.*

Bij veel werk van Feministo zal de reactie van de toeschouwer zijn ingegeven door haar of zijn eigen ervaringen, fantasieën, relatie tot het gezin en seksualiteit, schrijft Parker.* Dat sluit wel aan bij wat ik in deel 1 van dit feuilleton schreef, over geraakt worden door een kunstwerk.

Volgens Parker kan dat geraakt worden bedreigend zijn. ‘Jullie willen gewoon mensen net zo ongelukkig maken als jullie zelf zijn’, citeert ze een uitspraak van een bezoekster. Hoewel het moeilijk is de reactie van de toeschouwer te voorspellen, aldus Parker, of deze kwaad en onzeker wordt, of zich er onmiddellijk in herkent en opluchting voelt, een ding is zeker: niemand kan onbewogen blijven bij deze tentoonstelling.*

*Uit: Roszika Parker, Portrait of the Artist as a Housewife. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.207-210.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 425 Het werk is vaak geestig, oneerbiedig en ondermijnend

Feminist by day, housewife by night. Gevonden op: https://www.theglobeandmail.com/life/facts-and-arguments/feminist-by-day-housewife-by-night/article1348030/.

Feministo lijkt op een visuele discussie, een sessie op lange afstand die het bewustzijn verhoogt, misschien weet het daarom simplistische polemieken te vermijden’, aldus Roszika Parker (zie ook aflevering 424). De kunstwerken zijn niet idealistisch (vrouwen zijn sterk, geweldig, onoverwinnelijk), noch wanhopig (vrouwen zijn hulpeloos, hopeloos, slachtoffers), maar laten veel meer de complexiteit zien van de relatie van vrouwen met seksualiteit, huiselijkheid, moederschap en romantiek. Het werk is vaak geestig, oneerbiedig en ondermijnend.*

Bijna alle kunstwerken van Feministo weten de aantrekkelijkheid van huiselijkheid over te brengen én de bitterheid en desillusie ervan. Diezelfde ambivalentie wordt volgens Parker weerspiegeld in de gebruikte materialen, waar ze nostalgie en rebellie ziet in de vodden, oude foto’s, verpakkingen en bakjes van de supermarkt – ‘steriel, deprimerend maar toch verleidelijk’.*

De materialen weerspiegelen ook de beperkte middelen die vrouwen tot hun beschikking hebben, maar het opnieuw gebruiken van restmaterialen is vaak ook een bewuste keuze. Bovendien houden veel vrouwen van de vergankelijkheid van de kwetsbare kunstwerken: ze willen een statement neerzetten en geen consumentenobject maken.*

Doorbreekt deze langeafstandscommunicatie het isolement van een vrouw die thuiszit met de kinderen? Parker wijst erop dat sommige critici denken dat het project juist een bevestiging is van de vrouw in haar rol als huisvrouw. Het verlicht slechts een beetje de eenzaamheid. Deze critici zien volgens Parker over het hoofd dat er een bewustzijnsproces plaatsvindt, en dat vrouwen gestimuleerd worden hun eigen ervaringen vorm te geven in kunstwerken.*

Parker citeert een van de kunstenaressen die vertelt dat ze ‘dingen maakte, ze verstopte, ze vernietigde, en steeds meer gefrustreerd raakte over het hele proces.’ Sinds ze meedoet aan Feministo voelt ze zich nog steeds wel zeer bewust van zichzelf en onzeker over het maken van kunstwerken … ‘maar ik ga nu gewoon door. Deels omdat ik mezelf als onderdeel van een grote groep vrouwen zie die in verschillende media werken met verschillende technieken, ook al is kunst van nature iets individueels.’*

*Uit: Roszika Parker, Portrait of the Artist as a Housewife. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.207-210.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 424 Kunstpraktijk als levendig proces, bijna een dialoog

Laurie Simmons, Walking House, 1989; Collection of Dr. Dana Beth Ardi Photo courtesy of the artist and Salon 94, New York. Gevonden op: https://daily.jstor.org/how-1971s-womanhouse-shaped-todays-feminist-art/.

‘Vaak leren we onszelf te begrijpen door in enige vorm aspecten van ons leven zichtbaar te maken – ons selectieproces leidt vaak tot zelfontdekking’, schrijft Phil Goodall over Feministo (de postkunst, zie aflevering 423) in Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85 (p.206).

Iedere deelnemer aan het postkunstproject reageert op het kunstwerk dat zij ontvangen heeft. Zij kan een kunstwerk maken dat iets weergeeft van hoe zij het leven ziet, of ze maakt iets als reactie op het ontvangen kunstwerk. De kunstwerken zijn van brievenbusformaat en dat komt goed uit, aldus Goodall, want de meeste vrouwen moeten het doen met de minimomenten dat er geen beslag op ze wordt gelegd door betaald werk, gezins- en familieleven/taken. (Framing Feminism, p. 206)

Het stappenplan voor deelname is 1) raak enthousiast over het idee van een visueel communicatieproject via de post; 2) schrijf naar Phill Goodall, 14 Valentine Road, Kings Health, Birmingham 14, die je een lijst deelnemers zal sturen; 3) kies een naam; 4) maak een afbeelding, gebreid schilderij, spaghetti sculptuur, geborduurd gedicht, wat je maar wilt; 5) doe het met een briefje in een envelop en stuur het op: vergeet alsjeblieft niet een postzegel te plakken; 6) je zult gauw een antwoord krijgen in de vorm van een ander kunstwerk, wat het begin van je verzameling gaat worden. (Framing Feminism, p. 206)

In het blad MaMa – Women Artists Together, januari 1977, met artikelen over Feministo (zie ook aflevering 423), heeft Rozsika Parker ook een stuk geschreven (Framing Feminism, p. 207-210), getiteld Portrait of the Artist as a Housewife.

‘Ze hadden huizen, kinderen, levens met gewoonten en een woonplaats. Zij zaten op een bijzonder pijnlijke manier vast. Hun geest vol verlangen om te reizen, hun lichaam toegewijd aan mannen, aan kinderen, aan huizen’, noteert Parker, een citaat uit het boek How to Save Your Own Life, van Erica Jong. Zo’n project als Feministo kan dan een reddingsboei voor deze vrouwen zijn, denkt Parker. Het project ondermijnt mooi ook meteen het idee van de geniale solist, het collectief werkt juist als zeer inspirerend. (Framing Feminism, p. 207)

De kunstpraktijk als een levendig proces, dat bijna lijkt op een dialoog, zo duidt Parker Feministo.

*Uit het boek Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.3-78.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 423 Een soort kritiekloze obsessie?

Foto: Susan Hol, 2015-2018.

Het schrijven over vrouwen en kunst geeft de feministische kritiek en kunstgeschiedenis de kans zich te ontwikkelen, zo stellen Parker en Pollock in hun boek uit 1987.*

Zij zijn dus beslist vóór het maken van speciale uitgaven over vrouwen en kunst, ook omdat het gebruikt wordt in onderwijs en debatten (zie ook aflevering 362). Het nummer 3 van het blad Studio International in 1977 heeft een enorme impact gehad (zie afleveringen 363-422), maar het nummer ‘Women in Art’ (Oxford Art Journal) uit 1980 leverde ook een fikse bijdrage.*

Het laatstgenoemde blad ontdekt ook een ambivalentie bij het werken aan zo’n aparte ‘vrouwenuitgave’. Enerzijds is het ontzettend belangrijk om vrouwelijke kunstenaars uit de donkere krochten van de vergetelheid te halen, anderzijds is het ook erg belangrijk om een soort kritiekloze obsessie te vermijden als het gaat om kunst van vrouwen.* Leuke ontdekking, maar is er ooit zo’n obsessie geweest? Misschien is het beter om eerst maar eens te kijken waar überhaupt punten van kritiek vandaan komen als het gaan om kunst van vrouwen. De door mannen gedomineerde kunstwereld maakt nog steeds volop de dienst uit.

Parker en Pollock zien een groter gevaar in symboolpolitiek, dat de redactie zo’n nummer met kunst van vrouwen kan ‘afstrepen’ en vervolgens de bijdragen van vrouwen weer terug kan duwen naar de marges. Dus gaan vrouwen zélf een tijdschrift maken. In Engeland verscheen als eerste poging het blad MaMa – Women Artists Together, in januari 1977. Het documenteerde de ervaringen van de postkunstwerken Feministo (zie ook afleveringen 145, 265, 381-384).

Aangezien er al veel over het Feministo-project in dit feuilleton is geschreven, pik ik uit die documentatie de stukjes die nog iets toevoegen. Phil Goodall schrijft bijvoorbeeld dat het doel van de postkunst is een visuele taal te ontwikkelen die toegankelijk is voor vrouwen, in die zin dat het overeenkomt met hun eigen ervaringen, en om ieders isolement te doorbreken (Framing Feminism, p. 206).

*Uit het boek Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.3-78.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 422 De erfenis van de op de man gerichte werkelijkheid

Met m’n besties op Coachella, uit: 10 x mannen die typische vrouwenposes nadoen op instagram, gevonden op: https://www.linda.nl/snacks/10-x-mannen-die-typische-vrouwenposes-nadoen-op-instagram/.

Hoe meer de vrouw gezien wordt als een natuurobject, hoe meer ze vereenzelvigd wordt de abstracte waarden die met de natuur verbonden zijn, aldus Brooks (zie aflevering 421).*

Het lijkt haar interessant om de hedendaagse (rond 1977 dus) weergaven van de seksen te onderzoeken. Hoe ziet de erfenis van de op de man gerichte werkelijkheid eruit waarin vrouwen verschijnen als zichtbaar fenomeen en waarbij de man de bijna onzichtbare bron van het geheel is?*

In foto’s en vooral advertenties met afbeeldingen van vrouwen, gaat je brein automatisch op ‘object’. Dat werkt anders bij afbeeldingen van mannen, want bij hen heb je eerder de neiging te denken aan gebeurtenissen, ofwel te denken in termen van handeling: wat gebeurt er. Het handelen van vrouwen is ondergeschikt gemaakt aan haar ‘object zijn’. Als een context je dwingt om de afgebeelde man als object te zien, wordt de boel tamelijk ongemakkelijk, aldus Brooks.*

Er worden in vrouwenbladen allerlei afbeeldingen van vrouwen gebruikt, evenals in mannenbladen. In de vrouwenbladen overheerst het beeld van de vrouw als natuurobject, een zichtbare op zichzelf staande eenheid, een ding met gratie en schoonheid (zie ook aflevering 421). In mannenbladen verschijnt de vrouw als erotisch object, een object voor mannen, in zeer overdreven poses, of met soms de suggestie van actieve betrokkenheid met de zogenaamde kijker/deelnemer.*

In de representaties van vrouwen voor vrouwen ligt de nadruk op het ene uiterste: de vrouw als autonoom natuurding-op-zichzelf. In representaties van vrouwen voor mannen ligt de nadruk op het andere en tegenstrijdige uiterste: de vrouw als object voor mannen.*

Tot zover het marxistisch getinte artikel van Brooks. Er zijn in die tijd vast en zeker meer van dit soort artikelen geschreven. Heel goed! Ik ga me beraden op nut en noodzaak van dit soort artikelen voor mijn onderzoek.

Het laatste artikel in Studio International is een overzicht van feministische kunst van 1970-1977. Het waren dynamische jaren met veel vrouwenactivisme, zoals vaker in dit feuilleton aan bod is geweest (zie deel 4B t/m deel 8). Ik zal het daarom niet nogmaals dunnetjes overdoen.

*Brooks, Rosetta. (1977). Woman visible: Woman invisible. Studio International. Journal of Modern Art, 3, vol.193, no.987: 208-212.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.