Aflevering 413 Geweldige kunsthuisvrouwen

Sally Swain, Great housewives of art, 1988. Picture on the right: MRS. KLEE cleans out the bird cage. Foto: Susan Hol, van mijn eigen exemplaar van dit boek.

Het wordt in het artikel van Sarah Kent niet echt duidelijk wat ze met ‘deze zienswijze’ bedoelt die haar zorgen baart en die ze zo negatief vindt (zie aflevering 412).

Eerst dacht ik dat ze de aanpak van Eleanor Antin bedoelde: de weigering je te laten beperken door (patriarchale) grenzen van buitenaf en het geloof je identiteit eigenhandig vorm te kunnen geven (zie aflevering 411). Kent heeft het idee dat Antin interne en externe beperkingen en vooroordelen simpelweg laat verdampen door ze te negeren (zie aflevering 412).

Maar in de loop van het artikel wordt duidelijk dat Kent bang is dat vrouwen diep vanbinnen hun eigen geslacht ontkennen en zo het kind met het badwater weggooien: dat ze alle vrouwelijke kwaliteiten en activiteiten links laten liggen. Het blijkt haar te gaan om het afwijzen van vrouwelijkheid door vrouwen die iets willen bereiken, carrière willen maken. Hoewel het misschien absurd lijkt om bijvoorbeeld te suggereren dat een moeder haar vrouwelijkheid heeft afgewezen, zo schrijft Kent, ‘ben ik me zelfs bij kunstenaars met kinderen soms bewust van de nadruk op de mannelijke kant van hun leven en persoonlijkheden ten koste van de vrouwelijke aspecten.’*

Ze heeft het niet alleen over anderen, zo blijkt, want ze geeft zichzelf als voorbeeld: ze durft jarenlang niet te vertellen dat ze getrouwd is en een zoon heeft. Stel dat mensen gaan twijfelen aan haar geloofwaardigheid als professional en haar een dilettante, een hobbyist, knoeier, prutster vinden? Ze zou zomaar haar onderwijsbanen kunnen verliezen.*

‘Nu ben ik trots op het feit dat ik een kind heb’, schrijft ze, ‘maar ik vermoed dat deze trots draait om mijn mannelijke prestaties om hem te begeleiden en op te voeden terwijl ik gewoon doorga met mijn andere activiteiten, en dat het nadrukkelijk geen vrouwelijk trots op het moederschap is.’*

Was er altijd een kloof tussen ‘carrièrevrouwen’ en anderen? Tuurlijk. Maar wat Kent stoort is de ontkenning van het vrouwelijke principe bij sommige individuele vrouwen. ‘We hebben de neiging om onszelf te feliciteren als degenen die ‘gered’ zijn, omdat we aan de huiselijkheid zijn ontsnapt. We kijken naar huisvrouwen met een mengeling van sympathie en vrees’, aldus Kent. Er hangt soms een zweem van minachting, signaleert ze, ‘omdat deze huisvrouwen gezien worden als de belichaming van het falen waarvoor wij bang zijn’.*

De afbeelding bij deze aflevering is van en uit het boek Great Housewives of Art, van Sally Swain uit 1988. Het is een parodie op de notie van de geweldige vrouw achter de geweldige man. In de herkenbare stijl van de ‘grote schilders’ verwerkt ze de huisvrouw en huisvrouwelijke bezigheden. Swain vindt dat kunst noch het feminisme al te serieus genomen moet worden. In het boek staat ook A Letter to the World of Art, ondertekend door Housewife of Art. Het staat vol vragen, zoals: ‘Waarom winnen vrouwen geen medailles voor de schoonste, best onderhouden badkamer, of boekenprijzen voor fantastische boodschappenlijstjes? Waarom laten galerieën niet meer afbeeldingen zien van de dagelijkse huishoudelijke sleur van vrouwen? Is dat het niet waard om te schilderen? Zoveel recente kunst is onduidelijk en ontoegankelijk, is dat nou nodig? Kan kunst visueel aantrekkelijk, humorvol en een sociale boodschap hebben?

*Kent, Sarah (1977). Engendering self-respect. Studio International. Journal of Modern Art, 3, vol.193, no.987: 194-196.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 412 Jezelf transformeren in het beeld van je keuze

Kim Lim, Abacus, 1959, wood & wire, 17,5 x 22 x 2. Gevonden op: http://kimlim.com/sculpture/early-works/.

Eleanor Antin weigert zich te laten beperken door (patriarchale) grenzen van buitenaf en gelooft dat ze haar identiteit kan uitbreiden door haar kunstpraktijk en dat zij zichzelf kan transformeren in het beeld van haar keuze (zie aflevering 411).

Sarah Kent ziet in dat standpunt van Antin toch echt wel een sterk element van wishful thinking en bravoure.* Waarom?

Kent denkt dat interne en externe beperkingen niet zomaar verdampen, gewoon, omdat jij ze negeert, en dat je vooroordelen niet zomaar kunt wegnemen. Volgens haar moet elke vrouw die haar eigen mogelijkheden en die van haar sekse probeert te vergroten, ongelooflijk hard werken om ook naar iets te bereiken en haar prestaties erkend te krijgen. Kent haalt Kim Lim (1936-1997) aan, die opmerkt: ‘Een vrouw moet zich wat betreft de buitenwereld dubbel bewijzen.’*

Ik vind het wel bijzonder dat Kent eerst in haar artikel klaagt over het gebrek aan support van tijdgenoten, over de neiging van andere vrouwelijke kunstenaars om kritisch of jaloers op hun rivalen te zijn (zie aflevering 410), en dat ze vervolgens zelf nogal zuinig doet over de optimistische benadering van Antin en het afdoet als ‘wishful thinking en bravoure’. Wie zegt dat Antin niet keihard heeft gewerkt en dat haar aanpak een manier is geweest om in ieder geval zichzelf te (blijven) motiveren? Natuurlijk verdwijnen eeuwenoude patriarchale beperkingen niet als een veertje in de wind, daarvan zal Antin zich zeker ook bewust geweest zijn.

Het blijkt dat Kent zich meer thuis voelt bij uitlatingen zoals die van Lim. Ze is erover verbijsterd dat vrouwen, inclusief zijzelf, het zich dubbel moeten bewijzen nog steeds pikken. Ze heeft het zelf altijd heel vanzelfsprekend gevonden dat ze twee keer zo hard moest werken als de mannen die ze kende, schrijft ze. Toch is het niet voldoende om alleen maar kunstwerken te maken, zoals duidelijk is geworden voor de feministisch kunstenaar Susan Hiller (1940-28 januari 2019, zie ook aflevering 340).*

‘Ik geloofde altijd dat als je werk maar goed was, het vanzelf zijn weg in de cultuur zou vinden’, vertelt Hiller aan Kent. ‘Maar na acht jaar realiseerde ik me dat mijn manier van werken, mijn aanpak, totaal ineffectief was geweest, omdat mijn werk onvermeld was gebleven. Hierdoor heb ik me altijd anoniem gevoeld.’*

Er is een ander aspect van ‘deze zienswijze’, schrijft Kent, die haar vooral zorgen baart omdat het zo negatief is.* Welke zienswijze bedoelt ze dan?

*Kent, Sarah (1977). Engendering self-respect. Studio International. Journal of Modern Art, 3, vol.193, no.987: 194-196.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 411 Schreeuwend gebrek aan enige vorm van instemming of welwillendheid

Volgens Sarah Kent is er in Engeland niet zo’n sterke feministische beweging geweest als in Amerika of de rest van Europa. Het gevolg daarvan is dat Engelse vrouwen niet zoiets als een groepsidentiteit hebben ontwikkeld. Zij hebben de neiging om de problemen die vrouwen collectief treffen te omzeilen door hun gender te negeren, aldus Kent.*

Vrouwen proberen elk haar eigen unieke onafhankelijke strijd te voeren, naast mannen, en veel te veel vrouwen hebben deze strijd verloren, schrijft Kent (zie ook aflevering 410). Het is voor haar een reden om te onderzoeken hoe vrouwen in Engeland zich hebben moeten gedragen om als kunstenaar te overleven. Ze wil er graag op wijzen dat deze attitudes, hoewel hoognodig in het verleden, niet meer nodig zijn, dat ze juist op veel manieren vooruitgang belemmeren.*

Door het schreeuwende gebrek aan enige vorm van instemming of een beetje welwillendheid en geconfronteerd met vaak regelrechte vijandigheid, geven veel vrouwen het gewoon maar op, aldus Kent. Anderen hebben ondanks dit gebrek aan enige vorm van support hun inspanningen volgehouden. Kent ziet bij deze vrouwen de ontwikkeling van een ietwat uitdagende en koppige kijk op de dingen, gelardeerd met enige arrogantie.*

Als voorbeeld haalt ze Eleanor Antin (1935) aan die het bovenstaande samenvat met de volgende woorden: ‘De gebruikelijke hulpmiddelen voor zelfdefinitie – geslacht, leeftijd, talent, tijd en ruimte – zijn slechts tirannieke beperkingen van mijn keuzevrijheid.’* Kent haalt dit citaat uit het boek van Lucy R. Lippard, From the center, feminist essays on women’s art (Dutton, New York, 1976, p.105). Een citaat dat ik in mijn exemplaar van dat boek ook heb onderstreept 😉

Volgens Kent lijkt deze opmerking van Antin op het eerste gezicht een buitengewoon positieve benadering te beschrijven. Een weigering om beperkt te worden door grenzen van buitenaf moet toch wel duiden op een enorme hoeveelheid energie en doorzettingsvermogen, aldus Kent, en een vastberadenheid om de wereld tegemoet te treden als iemand die vrij is haar eigen eisen te stellen, ongeacht geslacht, ras of klasse. Het negeren van de beperkte reikwijdte van de traditioneel aangeboden rollen, lijkt volgens Kent een enorm volhardingsvermogen en optimisme te impliceren.*

Zo gelooft Antin dat ze door haar kunstpraktijk haar identiteit kan uitbreiden en zichzelf zelfs kan transformeren in het beeld van haar keuze…*

De video bij deze aflevering is een ontroerend prachtig mini-overzicht, van Eleanor Antin die op hoge leeftijd vertelt over hoe haar portretten tot stand zijn gekomen. Zij is een van de belangrijkste kunstenaars van haar generatie en een pionier op het gebied van performance en conceptuele kunst in Zuid-Californië, zo valt te lezen bij de video. Met CARVING: A Traditional Sculpture daagt ze 1972 de tradities van sculptuur, zelfportretten, fotografische documentatie en prestaties uit. In 148 zwart-wit foto’s toont ze de transformatie van haar lichaam terwijl ze 37 kilo afvalt in 37 dagen. In 2017 voert Antin haar historische prestatie opnieuw uit: CARVING: 45 Years Later. Ze is dan op zoek naar haar ‘gebeeldhouwde’ lichaam, in 100 dagen in 500 zwart-witfoto’s.

*Kent, Sarah (1977). Engendering self-respect. Studio International. Journal of Modern Art, 3, vol.193, no.987: 194-196.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.