Aflevering 471 Nieuwe betekenis via patriarchale, marxistische en psychoanalytische theorieën

Mary Kelly, circa 1940, 2016, compressed lint and projected light noise, 242.6 by 322.6 by 3.8 cm. Gevonden op: https://www.miandn.com/exhibitions/mary-kelly.

Een van de pogingen om het veld van de feministische artistieke praktijk in kaart te brengen, komt van Mary Kelly, aldus Griselda Pollock in een voetnoot (zie ook aflevering 470).*

Het is een essay met de titel On sexual politics and art, en is opgenomen in Framing Feminism. Het heeft als oorspronkelijke bron een conferentie over kunst en politiek, gehouden op 15-16 april 1977. Het essay verscheen later in Art and Politics, ed. B. Taylor, Winchester School of Art, 1980, pp.66-75.**

Het is niet het meest toegankelijke stukje proza. Kelly heeft zich verdiept in het werk van Louis Althusser (1918-1990), een Franse filosoof die erg ‘into’ Marx was. Ze is ook erg geïnteresseerd in psychoanalytische werken, zoals die van Julia Kristeva en Sigmund Freud. In het essay maakt ze daar haar eigen ‘mengelmoes’ van die niet eenvoudig te volgen is.

Of, zoals Jane Kelly het formuleert: Mary Kelly creëert nieuwe betekenis aan de hand van patriarchale, marxistische en psychoanalytische theorieën, en voegt hieraan haar eigen intuïtieve en analytische methoden toe (zie aflevering 397 en zie ook de video bij die aflevering).

Nu zien velen in die jaren 1970 wel brood in de meer marxistisch geïnspireerde theorieën die kunst in een sociaaleconomisch kader plaatsen. Zij streven naar een minder elitaire positie van de kunstwereld, naar minder ontoegankelijke kunst, naar kunst waarvan vorm en inhoud niet alleen begrijpelijk zijn voor een kleine groep, de zogenoemde burgerlijke klasse (zie aflevering 329).

Welnu, Mary Kelly opent haar essay met de woorden: ‘Allereerst wil ik onderscheid maken tussen “feministische praktijk” en “het feministisch problematische” in kunst (problematisch in de zin dat een denkbeeld/idee niet los gezien kan worden van het algemene theoretische of ideologische kader waarin het wordt gebruikt).’**

Hier doemen meteen al een paar problemen op. Wat bedoelt ze met ‘feministische praktijk’ en wat met ‘het feministisch problematische’? Van welk theoretisch en ideologisch kader is hier sprake?

*Uit: Griselda Pollock, II Feminism and Modernism. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.79-119.
**Uit: Mary Kelly, On sexual politics and art. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.303-312.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 470 Het veld van de feministische artistieke praktijk

Video! In het Engels, dat dan weer wel. Straks vertel ik kort waar het over gaat. Eerst: hoe kom ik bij deze video?

‘Tot op heden zijn er verschillende pogingen gedaan om het veld van de feministische artistieke praktijk in kaart te brengen’, schrijft Griselda Pollock in 1987 (zie ook aflevering 469).*

Ze verwijst daarbij in een noot naar essays van Mary Kelly, Rozsika Parker, Judith Barry en Sandy Flitterman, en naar een aantal artikelen: van haarzelf; van kunstenaar Alexis Hunter (1948-2014; zie ook aflevering 414); van Lisa Tickner, kunsthistorica (zie de afleveringen 398-403 met haar bespreking van het werk van Kate Walker); en van Laura Mulvey, de Brits feministische filmcriticus die in de video bij deze aflevering te zien is.

De essays zijn in het boek Framing Feminism opgenomen en die ga ik de komende afleveringen doorspitten. De artikelen, pfft, die beschouw ik maar als ‘ontoegankelijk’, op internet is er niets van te vinden. Niet erg, inmiddels weet ik wel zo’n beetje wat er in die tijd geschreven is. Maar, tijdens het speuren naar die artikelen kwam ik dus wel de video bij deze aflevering tegen.

Mulvey geeft in deze video een mooie ‘samenvatting’ van gebeurtenissen in de jaren 1970/80. Zij is trouwens de uitvinder van de term ‘male gaze’, ofwel de mannelijke blik (zie aflevering 311). Die term ontstaat als ze, onder invloed van de activiteiten van de vrouwenbeweging, heel anders naar films gaat kijken, vertelt ze in de video. Ze was altijd een geabsorbeerde, voyeuristische toeschouwer, ofwel een mannelijke toeschouwer, maar dat verandert ineens. Ze is een vrouwelijke toeschouwer geworden, die de film van een afstand bekijkt en niet meer met die geabsorbeerde ogen.

Ze verhaalt in de video ook over het samenstellen van de tentoonstelling Frida Kahlo and Tina Modotti (besproken in de afleveringen 459-462). Verder spreekt ze over Freud, Hollywood en haar eigen tegenbioscoop.

*Uit: Griselda Pollock, II Feminism and Modernism. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.79-119.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 469 Massabeweging voor radicale sociale verandering met revolutionaire kracht

Women’s liberation movement in Washington, DC, August 26, 1970. Don Carl Steffen/Gamma-Rapho/Getty Images. Foto gevonden op: https://www.vox.com/2018/3/20/16955588/feminism-waves-explained-first-second-third-fourth.

Te midden van alle maatschappelijke en theoretische veranderingen (zie aflevering 468) dragen ook vrouwen, met name vrouwen die betrokken zijn bij de vrouwenbeweging, hun steentje bij. Op veelzijdige manieren grijpen ze in de historische samenloop van de jaren 1970 in en dan vooral op het niveau van de culturele praktijk en culturele politiek.*

In de geschiedenis van de afgelopen vijftien jaar, schrijft Griselda Pollock in 1987, is het feminisme gevormd door allerlei historische gebeurtenissen en vormde het de huidige voorwaarden en mogelijkheden. Een direct resultaat van het feminisme zijn volgens haar vele kwesties in het maken van kunst, zoals de verschillen in sekse, dingen die met gender te maken hebben, seksualiteit en macht.*

Verder zijn er gebieden waarop het feminisme verandering heeft gebracht in een bepaalde trend, zoals het geval is bij body art en conceptuele kunst. Maar het doel van het feminisme is volgens Pollock niet om plaats te nemen in een of ander nieuw -isme. Feminisme dient niet voor het vergroten van de pluralistische rijkdom van het postmodernisme.*

Waar het om gaat, de basis, het fundament van feminisme, ligt ergens anders. Het is een massabeweging van vrouwen die kiezen voor radicale sociale veranderingen en dat maakt het een revolutionaire kracht, aldus Pollock. Feministische inmenging loopt dan ook tegen een grotere muur aan dan slechts de beleefde minachting van de gevestigde orde. Feministen kunnen rekenen op vijandigheid, onderdrukking, censuur en spot.*

Mannen die bang zijn dat ze hun ‘algehele dominantie’ kwijtraken, omdat vrouwen zich anders dan anders (gaan) gedragen, deinzen niet terug voor persoonlijke aanvallen (letterlijk en figuurlijk).*

Et, voilà, dat gezegd hebbende, gaat Pollock over tot het onderwerp: ‘Is er zoiets als feministische kunst?’ Zij is van het kamp nee, nee, en nog es nee.

Waarom?

*Uit: Griselda Pollock, II Feminism and Modernism. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.79-119.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 468 Een draaikolk van veranderingen

Susan Hol, collage no.13, 2019. Klik op foto voor meer info.

Het samengaan van een nieuwe feministische golf met de uitdagingen in de kunst voor het modernisme (zie aflevering 467), krijgt een extra boost door ontwikkelingen in de cultuurwetenschappen, schrijft Griselda Pollock, en ze duikt de historie in.*

De nieuwe linkse bewegingen van de late jaren 1950 en vroege jaren 1960 moeten een meer verfijnde analyse ontwikkelen voor de veranderende geavanceerde samenleving, aldus Pollock. De complexiteit en diepgang van de, in die tijd, moderne vormen van sociale controle, dwingen mensen de cultuurpolitiek met andere ogen te bezien. De blik vestigt zich op manieren waarop ongelijkheid en uitbuiting in een welvarender samenleving in stand worden gehouden.*

Het leidt tot een herbeoordeling van het effect van reclame, film, televisie, journalistiek, literatuur, beeldende kunst en het onderwijssysteem. Het gaat om het hele spectrum van sociale praktijken die – bij het produceren van betekenis en beelden van de wereld – zorgen voor een bepaald gevoel van werkelijkheid, maar die ook invloed hebben op de eigen identiteit van individuen.*

Een in elkaar grijpend netwerk van beelden, waarden, identiteiten verzadigt het dagelijks leven. Culturele theoretici, zo schrijft Pollock, werken Antonio Gramsci’s (1891-1973) idee van hegemonie uit als een middel om de rol van cultuur in sociale reproductie te begrijpen.*

Centraal staat bij deze hegemonie van Gramsci de algehele dominantie – politiek, economisch, militair, civiel, intellectueel, moreel, cultureel – van de bourgeoisie.

Verder noteert Pollock dat theoretici beginnen te beseffen dat ideologieën meer zijn dan louter sets van ideeën en overtuigingen die bepaalde sociale groepen en klassen – min of meer bewust – eropna houden. De ideologie vormt de mens in woord en beeld, toont identiteiten die een radicaal ongelijk racistisch en seksistisch sociaal systeem in stand houden.*

En wat is dan de rol van vrouwen in die draaikolk van veranderingen?

*Uit: Griselda Pollock, II Feminism and Modernism. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.79-119.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 467 Heropleving van de vier eeuwen oude strijd

Maker onbekend, foto gevonden op: https://modernismsresearchcentreucc.wordpress.com/2012/08/26/schedule-for-feminism-activism-modernisms/.

Na hun gezamenlijke introductie (zie afleveringen 343-466, ofwel deel 9B van dit feuilleton), gaat Griselda Pollock verder zonder Roszika Parker in hun boek Framing feminism. Het artikel dat Pollock schrijft is getiteld Feminism and Modernism.*

Onder het kopje Wat is feministische kunst? opent Pollock haar artikel met een citaat van Mary Kelly (1941, zie ook afleveringen 145, 217, 342, 394-397). Volgens Kelly kun je feministische kunst niet indelen in bepaalde culturele categorieën of bepaalde typen of sommige vormen van tekstanalyse.*

En waarom dan wel niet?

Omdat, zo schrijft Kelly, feministische kunst de beoordeling met zich meebrengt van politieke interventies, campagnes en verplichtingen en ook van artistieke strategieën.*

Het citaat van Kelly komt uit een stuk over de herziening van de modernistische kritiek (Reviewing Modernist Criticism, Screen, 1981, vol.22 no.3, p.58). Pollock haakt daarop in. Natuurlijk, zij koos dat citaat ;-). Ze schrijft dat in de late jaren 1960 en in 1970 het modernisme als het dominante voorbeeld voor de kunstpraktijk op vele fronten wordt betwist.*

Het modernisme, hoe zat dat ook alweer? Dat kwam eerder aan bod in dit feuilleton, bijvoorbeeld in aflevering 339. Daar valt onder andere te lezen dat het waardesysteem dat kunstinstituties ondersteunt, grotendeels haar fundament in het modernisme vindt dat na de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) is ontstaan.

Terwijl het modernisme onder vuur komt te liggen, zijn er in de jaren 1960 vele politieke en sociale omwentelingen. Pollock noemt als voorbeelden de jeugdbewegingen, de Black Consciousness Movement of Swartbewussynsbeweging (antiapartheidsbeweging in Zuid-Afrika), nationale onafhankelijkheidsbewegingen. Vanuit deze bewegingen ontstaan er totaal nieuwe omstandigheden, een geheel van nieuwe denkbeelden, retoriek en politiek, aldus Pollock, en ‘een van de belangrijkste daarvan was de vrouwenbeweging’.*

De vrouwenbevrijdingsbeweging, zoals het in eerste instantie wordt genoemd, vertegenwoordigt een heropleving van de vier eeuwen oude strijd van vrouwen om toegang tot volledige mensenrechten te verkrijgen. Het nieuwe feminisme wordt gevormd en gevoed door de vele nieuwe en radicale krachten, zowel politiek als cultureel, van de late twintigste eeuw.*

*Uit: Griselda Pollock, II Feminism and Modernism. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.79-119.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 466 Ondermijnen en leren dat jij kunt veranderen

De ideeën van Sister Seven in het kader van het nucleair protest en de vrouwen vredesbeweging (zie aflevering 464-465), krijgen vorm in een reizende tentoonstelling (Engeland, Nieuw Zeeland, Amerika) met posters, poëzie en objecten, die te zien zijn in evenementenlocaties, buurthuizen, bibliotheken, beurzen, festivals, conferenties en instellingen voor volwasseneneducatie.*

Waar het maar kan verzorgen de leden van Sister Seven live optredens, zoals de performances Brides against the Bomb. In die performance, zo schrijven Roszika Parker en Griselda Pollock, trouwen de vrouwen gekleed als bruiden om de beurt met een raket: ‘iemand met een goede baan bij het ministerie van Defensie’. In eerste instantie is de bruid bereidwillig, maar wanneer ze zich verzet, wordt ze vastgebonden aan de raket. Het publiek strooit met vredesconfetti en uiteindelijk weet de bruid zichzelf te bevrijden. Ze verklaart zichzelf sterk en vrij.*

Deze performance maakt gebruik van de traditionele ideeën rondom het huwelijk, aldus Parker en Pollock. Het ondermijnt de veronderstelde passiviteit van vrouwen, doordat de ‘bruiden’ via eigen acties (en die van anderen, het publiek dat vredesconfetti strooit) zichzelf vrijmaken. Tegelijkertijd is er de link naar het nucleaire debat, namelijk door te suggereren dat raketten niet noodzakelijk zijn maar hooguit een onderdeel van een slecht huwelijk, een contract voor het leven dat verbroken kan en moet worden wanneer dit het leven in gevaar brengt.*

De noodzaak is om de kwesties zo te presenteren dat de betovering van onvermijdelijkheid wordt verbroken, schrijven Parker en Pollock, en gewone mensen het gevoel te geven dat zij in staat zijn om hun toekomst te veranderen.*

In de media is de kracht van beelden alomtegenwoordig, het is een middel om het denken van mensen te beïnvloeden en zelfs wat mensen zich aan mogelijkheden (niet) kunnen voorstellen. Het is op dit gebied dat volgens Parker en Pollock de feministische kritiek en weerstand het meest urgent en potentieel effectief is. Het middel hiertoe zijn de communicatieprocessen die je in de kunsten ziet, met haar onmiddellijkheid en mogelijkheid van betrokkenheid en discussie. Dit kan de dominante, onbeantwoordbare boodschappen van de publieke media doorbreken, aldus Parker en Pollock.*

De video bij deze aflevering komt uit het hier en nu, een TEDxLausanne over Gender, War and Peace en duurt 13:44.
*Uit het boek Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.3-78.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 465 Sister Seven, samenwerkingskunstgroep tegen nucleaire dreiging

Sister Seven, 1981, een groep feministische schrijvers, dichters en kunstenaars, waaronder Monica Ross, Shirley Cameron, Evelyn Silver, Liz Hibbard, Mary Michaels, Gillian Allnutt. Afbeelding gevonden op: https://www.monicaross.org/artworks/SisterSeven.html.

Feministische kunstenaars, dichters en schrijvers, waaronder Monica Ross, Shirley Cameron, Liz Hibbard, Evelyn Silver (link gaat naar YouTube filmpje waar ze een glaskunstwerk maakt), Mary Michaels en Gillian Allnutt richten een samenwerkingsgroep op, de Sister Seven (zie ook aflevering 464). Zij vormen een nationaal netwerk voor de distributie van antinucleaire affichekunst en performances in kerkzalen, bibliotheken, op festivals, bij conferenties, in winkelcentra, vredeskampen, instellingen, galerieën en op hogescholen.*

In Feminist Art News (FAN), vol.2 no.1 schrijft Monica Ross over hoe lastig het is om iets te maken dat ‘anti’ is. De vrouwen van Sister Seven zijn verontrust over de visuele representatie op het gebied van antinucleaire propaganda, aldus Ross. De vrouwen hebben het idee dat beelden die nucleaire vernietiging willen visualiseren, of de ondermijning van militaire apparatuur, eigenlijk een ongewenst effect hebben en de militaristische macht een steuntje in de rug geven.*

Immers, zo vervolgt Ross, dergelijke beelden zijn gevangen in de oorlogstaal en hebben zich verdiept in de tactieken van de verassingsaanval. Ze wekken angst en hulpeloosheid op zonder een oplossing te bieden. Dus wat te doen? De vrouwen vatten het plan op om te proberen mensen mee te nemen naar een emotionele en fantasierijke ruimte tussen kunst en propaganda, om emotionele reacties de ruimte te geven, om angst en hulpeloosheid onder ogen te zien en ze te vervangen door energie en kracht.*

Als voorbeeld noemt Ross de collage met foto’s en kleding van kinderen die de vrouwen in Greenham aan het hek rond de luchtmachtbasis hebben gehangen (zie aflevering 464).*

De Sister Seven, zo schrijven Roszika Parker en Griselda Pollock, beogen beelden te creëren die alternatieven laten zien. Ze willen een idee van vrede creëren zonder te veel in te gaan op haar tegenhanger: oorlog.*

*Uit het boek Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.3-78.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.