Aflevering 202 Woedende jaren 1970 feministisch kunstenaar schildert nu stoere bonkige tractors

Niet alleen in het boek My secret garden (Diepe gronden) van Nancy Friday uit 1973 praten vrouwen vrijelijk over hun seksuele fantasieën (zie ook aflevering 194), dat gebeurde ook in bewustwordingsprogramma’s in vrouwenhuizen (Rosa Lindenburg, feministische kunst internationaal, 1978, p.47).

Voor vrouwelijke kunstenaars zijn die gesprekken dé aanleiding om niet alleen over seksualiteit te sparren met allerlei vrouwen, maar ook om met seksuele frustraties aan de slag te gaan ‘en daarmee nieuwe energie en creativiteit vrij te maken’ (1978, p.47). Het waren Judy Chicago en Miriam Schapiro die op het idee kwamen dit als educatief materiaal in te zetten (zie aflevering 110). En dat leidde weer tot het onderzoek naar de vrouwelijke beeldtaal (zie Deel 4D, afleveringen 133, 139-157).

Populair middel bij deze kunstenaars is het eigen naakte lichaam. Zij voeren bijvoorbeeld naakt een performance uit of gaan het eigen naakte lichaam te lijf in – de uit de performance en conceptuele kunst ontstane – bodyart. Volgens Lindenburg is dit op zichzelf al taboedoorbrekend, ‘omdat de mannelijke wereld de vrouw als seksobject blijft bekijken’. Ze noemt als voorbeeld Carolee Schneemann en haar performance Interior Scroll, waarbij Schneemann naakt een opgerolde tekst uit haar vagina haalt (zie aflevering 183). ‘De vagina als bron van leven staat hier ook voor de bron van kennis over leven’, merkt Lindenburg gevat op. (1978, p.47)

De kunstenaar die in haar werk aan de slag gaat met aspecten van haar eigen seksuele bewustwordingsproces, volgt een dubbel spoor: een persoonlijke en een beroepsmatige weg. Aangezien het persoonlijke een rol speelt, loopt de kunstenaar tegen dezelfde dingen aan als andere feministen. Lindenburg heeft een handzaam lijstje gemaakt van onderwerpen waarmee feministische kunstenaars zich bezighouden:

  1. agressie tegen het stereotype vrouwbeeld als seksobject
  2. woede over de lichamelijke geconditioneerdheid van de vrouw
  3. taboes over vrouwelijk lichaam en seksualiteit doorbreken
  4. bevrijding en herwaardering eigen lichaam, seksualiteit en erotiek
  5. openlijke interesse van vrouwen voor mannelijke lichamelijkheid en seksualiteit
  6. lesbische erotiek
  7. androgynie
  8. vrouwelijke beeldtaal (female imagery).

Hierbij is de volgorde 1 tot 4 geen toevallige, het zijn de stadia die elke vrouw – dus ook de kunstenaar – doorloopt tijdens het bewustwordingsproces, aldus Lindenburg. (1978, p.48)

Toch maakt de kunstenaar haar eigen keuzes in het bepalen van haar beeldende kunst onderwerp. Kunstenaars kennende, zullen zij niet ‘keurig’ een voor een de drie stadia verbeelden. Bovendien zal de persoonlijke voorkeur een belangrijke rol spelen, gezien de verwevenheid van het beroepsmatige en persoonlijke deel als het gaat om seksualiteit.

Een aantal voorbeelden bij punt 1. agressie tegen het stereotype vrouwbeeld als seksobject, is werk van Joan Semmel (zie afleveringen 194 en 197), Inez van Beusekom (aflevering 191) en Dottie Attie (aflevering 154).

Voorbeelden bij punt 2. woede over de lichamelijke geconditioneerdheid van de vrouw, zijn de kunstwerken van Maina-Miriam Munsky (aflevering 190), Juanita McNeely (aflevering 198), Miriam Cahn (afleveringen 150, 151), Andreina Robotti (aflevering 152) en Karen Carson, die een geweldige website blijkt te hebben, echt genieten die kunstwerken van haar. Als je op haar site op Past Work klikt en Beds kiest, kom je bij het werk uit de jaren 1970 wat bij dit punt b past. En wat ze nu schildert zie je ook in het filmpje bij deze aflevering. Ik vind dat geweldig! 🙂

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 197 Joan Semmel: haar lichaam door de lens van haar fototoestel

De doelstelling van de kunstenaressen van de Fight Censorship Group (zie aflevering 196) is om seksualiteit openlijk in hun kunstwerken te verwerken en om ‘de man bloot te leggen’, zo schrijft Rosa Lindenburg (feministische kunst internationaal, 1978, p.47).

Kunstenaar Joan Semmel, een van de leden van de Fight Censorship Group, is schilder, zoals ze zelf zegt in de video bij deze aflevering. Semmel is met haar schilderijen met naakten ‘een nieuwe weg ingeslagen in de erotische kunst’, schrijft Rosa Lindenburg (1978, p.89). De video laat dat zien met een aantal van haar schilderijen (voertaal Engels, geen ondertiteling).

‘Mijn terugkeer naar de menselijke figuur, in 1970, vanuit het abstract-expressionisme, kwam voort uit een innerlijke drang om meer vanuit een persoonlijke betrokkenheid te werken’, aldus Semmel.

‘Daarbij speelde een groeiend feministisch bewustzijn zeker ook een rol. Ik zocht naar een vorm waarin ik persoonlijke en maatschappelijke zaken kon uitdrukken en besloot om de overtuiging, dat de vrouw haar lot in eigen handen moet nemen, letterlijk op te vatten, om allereerst van mezelf uit te gaan.’ (feministische kunst internationaal, 1978, p.89)

Semmel schildert sinds 1972 vrijende paren in abstracte patronen en surrealistische kleuren. Waarom? Toen ze na een verblijf van zeven jaar in Spanje terugkwam in Amerika, zag ze in haar thuisland pornografische tijdschriften die haar choqueerden. Haar schilderijen zijn een reactie op deze tijdschriften. (1978, p.89)

Na enige tijd gaat ze ook haar eigen lichaam fotograferen, vanuit een liggende houding. Van deze foto’s maakt ze schilderijen. Als toeschouwer zie je dan een schilderij vanuit haar perspectief. Je ziet geen hoofd op het schilderij, maar hoe de kunstenaar haar lichaam door de lens van het fototoestel heeft gezien. (1978, p.89)

In de loop van de tijd verdwijnt de hartstochtelijke activiteit en is er rust en liefkozing in het schilderij te zien, het beeld wordt steeds intiemer en lyrischer, met ruim plaats voor een klein deel van het lichaam. (1978, p.89)

Een belangrijk werk is haar drieluik Mythology and me, een persoonlijk-politiek commentaar op het onpersoonlijke schildersmodel dat sinds jaar en dag door mannen in de kunstwereld gebruikt wordt. Het nieuwe beeld van haar eigen naaktheid plaats ze in dit drieluik tussen de femme fatale van Willem de Kooning en de onpersoonlijke pin-up girls van Popart (1978, p.48, p.89)

Het is een treffend beeld, dat drieluik. Links (voor de kijker) de rauwe hardheid en respectloosheid van het Popart-beeld, de vrouw als object van de man ten voeten uit. Rechts de volledig uit het verband gerukte beeld van de vrouw in het werk van De Kooning. En daartussen het zachte, respectvolle, menselijke beeld van het vrouwenlichaam van Semmel.

Ik weet wel waar ik de voorkeur aan geef. Bij de naakten door de mannen voel ik me ongemakkelijk, in een hoek gedrukt, in een hokje gedouwd, denk ik: bestáán er zulke vrouwen? En bij de naakte van Semmel voel ik me persoonlijk aangesproken, herken ik het beeld en de zachtheid ervan.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 196 Anita Steckel: gevecht tegen censuur en dubbele moraal

Een werk van Anita Steckel met ‘blur’-bewerking: Susan Hol. Originele foto gevonden op: https://headleygallerycsuchico.com/2018/09/24/legal-gender-the-irreverent-art-of-anita-steckel/. Klik op de foto en je ziet het scherpe beeld 🙂

Rosa Lindenburg noemt in de catalogus feministische kunst internationaal de kunstenaar Anita Steckel (1978, p.47). Ik had nog nooit van haar gehoord, dacht ik, maar toen ik verder ging zoeken kwam ik een verhaal tegen dat me toch bekend voorkwam.

Een kunstenaar als Anita Steckel (1930-2012) kon, in tegenstelling tot de voorlopers in de zoektocht naar de eigen seksualiteit (zie aflevering 195), volop gebruikmaken van de feministische geschriften. Al moet je dat natuurlijk wel nog ‘even’ dóen!

Nou, dat dééd deze kunstenaar. Ze betitelde bijvoorbeeld haar solotentoonstelling The Sexual Politics of Feminist Art. Hieruit spreekt de invloed van het feministische boek van Kate Millet: Sexual Politics (zie aflevering 195). En het wás me een tentoonstelling, met veel gedoe eromheen.

Voordat Steckel haar tentoonstelling op het Rockville Community College in 1973 überhaupt kon onthullen, werd ze al gewaarschuwd door een docent. Deze vrouw zei dat de erotische kunstwerken weg moesten, omdat Steckel anders een felbegeerde onderwijsklus aan het college kon vergeten. Steckel overwoog serieus de waarschuwing, ze wílde die baan, maar besloot toch zichzelf niet te censureren. Dat heeft ze geweten, ze kreeg de baan niet. (Bron: National Museum of Women in the Arts, NMWA, 2014.)

Verschillende critici vonden haar werk pornografisch, maar de erotische beelden die Steckel maakte illustreerden heteroseksuele vrouwelijke verlangens. Ze gaf haar eigen interpretatie van eerdere naakten in de kunst en dan vooral kunst van mannen die vrouwen weergaven. (NMWA, 2014) In feite deed Steckel dus precies wat de filosoof Jerrold Levinson voor ogen heeft bij wat hij noemt de ‘kunstbewuste maker van kunst’, namelijk dat kunst altijd een relatie heeft met kunst uit het verleden (zie aflevering 44).

Steckel maakte bijvoorbeeld het werk Giant Woman on Empire State Building (1973), waarbij een naakt vrouwenfiguur vol vertrouwen aan het Empire State Building in New York City hangt. En tijdens de tentoonstelling deelde ze kopietjes van een dollarbiljet uit, opgesierd met een penis. Ze noemde dat werk Legal Gender (1971). Het werk moest met haar fallische beeld de aandacht vestigen op het mannelijke voorrecht en de loonkloof tussen mannen en vrouwen in de beroepsbevolking. (NMWA, 2014) Mmmm, kunnen we vandaag de dag nog wel gebruiken…

Ik had graag een van deze twee werken gebruikt als afbeelding bij dit blog, maar de vraag is of ze door de digitale censuurcommissie komen. De links gaan naar mijn Pinterestbord met een aantal werken van Steckel.

Het werk van Steckel veroorzaakte een schandaal, er werd zelfs sluiting van de tentoonstelling geëist, door een man, of verplaatsing van de tentoonstelling naar de toiletgebouwen, dat vond deze man een geschikter gebouw op de campus. (NMWA, 2014)

Dat liet Steckel niet op zich zitten en richtte de Fight Censorship Group op met een aantal prominente toonaangevende vrouwelijke kunstenaars, waaronder Louise Bourgeois, Hannah Wilke, Joan Semmel, Juanita McNeely en Martha Edelheit. Deze groep heeft tien jaar bestaan. Het doel was die dubbele seksuele moraal te bevechten. Vrouwen die van oudsher binnenstebuiten zijn gekeerd door mannen in diverse kunstuitingen, volledig naakt op allerlei manieren zijn blootgesteld in grote musea in de hele wereld, verdienden een tegenhanger: het mannelijk naakt compleet met stijve penis. Immers, ook dat maakt deel uit van het leven. (NMWA, 2014)

Anita Steckel schijnt gezegd te hebben dat als de penis in erectie niet gezond genoeg is om in musea terecht te komen, het ook niet gezond genoeg is om in vrouwen terecht te komen. Vrouwelijke kunstenaars moesten het recht hebben om de naakte mannelijke figuur en het seksuele onderwerp in hun kunst te gebruiken, omdat beide natuurlijke onderdelen van het leven zijn. De groep speelde een essentiële rol bij het creëren van een meer acceptabele omgeving voor provocerende werken van vrouwen. (NMWA, 2014)

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 194 Joan Semmel: ‘onszelf door onze eigen ogen gaan zien’

Foto gevonden op: https://www.psychologytoday.com/us/blog/the-power-pleasure/201211/what-we-can-learn-sexual-response-cycles.

De samenstellers van de tentoonstelling feministische kunst internationaal (1978) zijn ervan uitgegaan dat feministische kunst een vertellende, betogende kunst is. Ze hebben daarom de tentoonstelling naar onderwerp ingericht, niet naar vormcriteria, en vijf thema’s gekozen (zie aflevering 106).

In deel 5A kwam het eerste thema aan bod: bewustwording van en verzet tegen stereotype rolpatronen van mannen en vrouwen. Deel, 5B, thema 2, ging over: van binnen naar buiten, rolpatronen van vrouwen en mannen in beeld.

Het derde thema, deel 5C, behandeld seksualiteit en bevrijding. (feministische kunst internationaal, 1978, p.46-52). Dit thema is geschreven door Rosa Lindenburg (1948), indertijd lid van de Stichting Vrouwen in de Beeldende kunst. Verder kan ik niet zoveel over haar vinden. Ze was van 1988 tot 1990 directeur van het museum mr. S. van Gijn aan de nieuwe Haven in Dordrecht (portret van haar). Verder staat er een kort bericht op wikisage, dat ze historica en kunsthistorica is, directeur/eigenaar van het Humanistisch Cultureel Centrum in Delft, dat ze afkomstig is van de NVR-lidorganisatie Politiek Scholingscentrum, en in 2007 lid werd van de Commissie Maatschappelijke Participatie van de Nederlandse Vrouwen Raad.

Lindenburg opent het thema Seksualiteit en bevrijding in de catalogus feministische kunst internationaal met een citaat van de Amerikaanse feministische schilder, professor en schrijver Joan Semmel (haar website):

Het seksuele thema raakt het meest universele en meest persoonlijke van de menselijke ervaring, een ervaring waarbij de vrouw altijd nauw betrokken is geweest, maar waarbij ze zelden de gelegenheid kreeg haar eigen mening te zeggen. Het wordt tijd dat we onszelf door onze eigen ogen gaan zien. (1978, p.46)

Nu heeft de vrouwenbeweging ingrijpende invloed gehad op de beleving van de eigen seksualiteit en lichamelijkheid. De mythe dat een fatsoenlijke vrouw geen belang zou hechten aan seksualiteit heeft lang en hardnekkig voortgeduurd. Een negentiende-eeuwse mythe, aldus Lindenburg, en nog steeds fris en fruitig in de jaren 1960.

Een vrouw moest wel jong, mooi en aantrekkelijk zijn, maar zónder seksuele gevoelens. In schilderijen wordt de vrouw naakt, passief en als slachtoffer afgebeeld, schrijft Lindenburg. Wat ook in veel films gebeurt, zou ik daaraan willen toevoegen. De man wordt meestal gekleed en actief afgebeeld.

Maar ja, goed, die schilderijen met erotiek, de Pop Art met hetzelfde maar dan gemener ten opzichte van vrouwen, de beelden in de reclamewereld en het idealiseren van de pin-up girl … dat is allemaal voor mannen bedoeld. Vrouwen hebben daar helemaal niets aan, integendeel.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.