Aflevering 499 Kunst is niet zomaar een eenvoudige visuele ervaring

De kunstenaars die performances tonen bij tentoonstelling About Time; Video, Performance and Installation by 21 women artists, ondervangen op diverse manieren de traditie van vrouwelijke artiesten als spektakel voor een publiek (zie aflevering 498).

De kunstenaars verleggen de aandacht van het publiek van de kunstenaar als object naar het subject: hun werk, aldus Rozsika Parker. Ze houden zichzelf op afstand door gebruik te maken van video, belichting en opgenomen stemgeluid. Verder zijn er maar weinig kunstenaars die zich direct bezighouden met het publiek. Een aantal werkt met de rug naar het publiek, anderen bevinden zich helemaal niet op het podium, waardoor het publiek een merkwaardige verzameling voorwerpen te zien krijgt – de sporen van de aanwezigheid van de kunstenaar.*

Het nadeel van alle performance kunst – het beperkte aantal mensen dat in de gelegenheid is om op een vastgesteld moment een werk te zien – is vooral dringend voor vrouwen die geïnstitutionaliseerde discriminatie bestrijden, schrijft Parker. De installaties die bij de performances horen staan wel ten toon in de galerie, maar de expo is van korte duur (10 dagen) en er worden steeds andere performances getoond.*

Waarom het vooral voor vrouwen die geïnstitutionaliseerde discriminatie bestrijden een probleem is, vertelt Parker er niet bij. Ik ga er ook maar niet naar raden.

De tentoonstelling Issue is samengesteld door Lucy Lippard (zie ook aflevering 492) en is vooral politiek getint met bijdragen die aantonen hoe feministische kunst heeft gezorgd voor sociale veranderingen.*

Het feit dat de drie tentoonstellingen – Women’s Images of Men, About Time en Issue – in een galerie plaatsvinden, heeft niets te maken met een poging om door de gevestigde orde geaccepteerd te worden, aldus Parker. Het gaat erom deze orde te veranderen. Kunst is niet zomaar een eenvoudige visuele ervaring, het kan kennis voortbrengen over machtsstructuren. De krachtigste werken leggen de link tussen het persoonlijke en het algemene.*

Tot slot noemt Parker haar eerdere opmerking dat er geen feministische kunst is (zie aflevering 493). Zij ziet meerdere kunstpraktijken, steeds in ontwikkeling, die door de toenemende aandacht vooruit worden geholpen.

*Uit: Rozsika Parker, Feminist art practices in ‘Women’s Images of Men’, ‘About Time’ and ‘Issue’. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.235-237.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 498 Traditie van vrouwelijke artiesten als spektakel voor een publiek

Monroe als ultiem voorbeeld van vrouwelijke artiesten als spektakel voor een publiek. Op de site waar ik deze foto vond staan nog veel meer voorbeelden: https://footeandfriendsonfilm.com/2019/02/03/my-favourite-comedies-of-the-1950s/.

Rozsika Parker* ziet twee ontwikkelingen in de recente geschiedenis van het feminisme in de performances bij tentoonstelling About Time; Video, Performance and Installation by 21 women artists terug (zie aflevering 496).

Ten eerste is er een groeiend besef van de rol van het publiek bij het vormgeven van betekenissen. Het is in een performance voor de kunstenaar mogelijk om in direct contact met het publiek te treden.*

Ten tweede is in het feminisme samenwerking altijd heel belangrijk. In de beginjaren van de performances door vrouwen is er vaak sprake van een collectief: meerdere kunstenaars zijn aanwezig in de performance. Het is een manier om het aloude beeld van de kunstenaar als bohemien (zie bijvoorbeeld aflevering 366), de solist die doet aan zuivere zelfexpressie, te doorbreken.*

In die jaren 1980 verschuift het collectieve werk naar een samenwerking tussen de individuele kunstenaar en het publiek, aldus Parker. Niet dat het publiek rechtstreeks deelneemt aan de performance, het is eerder zo dat het publiek zelden zomaar ‘lekker kan genieten’ van de performance. Het moet aan de hand van geluidsfragmenten en beelden zelf verbanden leggen, bedoelingen ontwaren en betekenis geven. De kunstenaar stelt wel zorgvuldig een bepaald kader vast met kwesties over vrouwen in een patriarchale samenleving.

Een van de problemen waarmee feministische performance kunstenaars te maken hebben, schrijft Parker, is de traditie van vrouwelijke artiesten als spektakel voor een publiek.*

Parker haalt hierbij Sally Potter aan, die daarover heeft geschreven en wat is besproken in de afleveringen 433-446. Het wordt knap lastig voor kunstenaars, zeker de kunstenaars die hun eigen lichaam inzetten in hun performances, om weg te blijven van de vrouw als object. Het publiek is immers gewend aan die objectivering via die aloude traditie.

De kunstenaars die deelnemen aan About Time hebben dat op diverse manieren ondervangen.

*Uit: Rozsika Parker, Feminist art practices in ‘Women’s Images of Men’, ‘About Time’ and ‘Issue’. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.235-237.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 496 Mixed media in installaties vormen krachtig effect

Catherine Elwes, Menstruation 1, (1979), Slade School of Art, London. Photo by John Muellbauer, Jean Matthee, Mandy Havers or Iain Robertson. Copyright Catherine Elwes. Gevonden op: http://1970s.thisisliveart.co.uk/catherine-elwes/.

De  tentoonstelling About Time; Video, Performance and Installation by 21 women artists (zie aflevering 495) heeft kunstenaars gevraagd naar werk met als thema de ervaringen van vrouwen in de patriarchale samenleving, schrijft Rozsika Parker.*

De nieuwe media – video, performance, installaties – zijn niet essentieel voor de feministische kunstpraktijk, maar bieden wel de mogelijkheid om direct te werken met de relatie kunstenaar-publiek en om allerlei betekenislagen aan te boren, over elkaar heen te leggen, naast elkaar te tonen. Volgens Parker is dat bruikbaar voor feministen die vast van plan zijn om de zekerheden van de samenleving flink te laten wankelen.*

Het meeste werk gaat verder dan het tonen van ervaringen van vrouwen in de patriarchale samenleving, het thema van de tentoonstelling. De kunstenaars laten zien hoe die ervaringen tot stand komen, via de massamedia, gezin, opleiding, advertenties, consumentisme, mode, huishoudelijke arbeid en kunststijlen.*

De mixed media in de installaties vormen samen een krachtig effect, aldus Parker. De intenties van de kunstenaar of haar persoonlijke ervaringen worden uitgedrukt op geluidsband, in een tekst of persoonlijk, en gaan vergezeld van foto’s, dia’s, objecten, tekeningen, of een video die een interactie aangaat met de woorden van de kunstenaar. De kracht van de media wordt in de kunstwerken uit de doeken gedaan om betekenissen te veranderen, of om tegenstellingen en kwesties aan te tonen tussen de subjectieve ervaring van vrouwen en culturele verwachtingen en bepalingen.*

Maar Parker wil niet generaliseren, daarvoor zijn de werken te divers. En hoewel ze de verschillende performance-benaderingen niet allemaal wil/kan opsommen, ziet ze toch twee ontwikkelingen in de recente geschiedenis van het feminisme in de performances terug.*

*Uit: Rozsika Parker, Feminist art practices in ‘Women’s Images of Men’, ‘About Time’ and ‘Issue’. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.235-237.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 495 Bestaande, aloude sterke beelden, herinneringen en gevoelens omsmelten

Margaret Harrison, From Rosa Luxemburg to Janis Joplin, no 2/1992. Gevonden op: http://margaret-harrison.com/?gallery=work-2.

De ontvangst van de tentoonstelling Women’s Images of Men (zie aflevering 494) toont maar weer aan waarom sommige feministen vinden dat het introduceren van een nieuwe inhoud op zichzelf onvoldoende is, schrijft Rozsika Parker.*

Het is een les die feministen uit een aantal wat bittere ervaringen leerden. De bestaande dominante patriarchale culturele zienswijze laat zich niet zomaar omverwerpen.* De vrouwen van dada kunnen daarover meepraten, zie bijvoorbeeld aflevering 165 Onderliggende patriarchale orde blijft onaangetast.

De feministen die positieve vrouwenbeelden creëren, een belangrijk middel om vrouwen meer bewust te maken van zichzelf en hun situatie, zijn niet in staat geweest om de beperkte betekenis van en gevoelswaarde en ideeën bij ‘vrouw’ in de kunst radicaal uit te dagen, aldus Parker.*

De betekenis die een kunstwerk krijgt, staat niet los van hoe kunst gezien wordt, vanuit welke ideologische positie het bekeken wordt. Daardoor kunnen feministen nog zo keihard werken om een alternatief positief vrouwenbeeld neer te zetten, als ‘het publiek’ een beeld van een vrouw ziet gaat dat radartje ‘lichaam’, ‘natuur’, ‘object voor mannenogen’ onmiddellijk draaien.*

Een uitweg voor sommige feministische kunstenaars uit deze dwangbuis is een radicaal andere kunstpraktijk, zoals performance en video, in plaats van schilderen, beeldhouwen en fotografie. Niet dat ze het onmogelijke proberen, zoals een nieuwe taal ontwikkelen die nog niet is aangetast door bestaande verwachtingen, nee, ze tonen vooral hoe de vrouw in de bestaande cultuur wordt neergezet in allerlei uitdrukkingsvormen (kunst, reclame, overheidspropaganda).*

Het is een poging van de performancekunstenaars om de kracht van beeldspraak te ontgrendelen, om haar mysterie te ontcijferen. Bestaande, aloude sterke beelden, herinneringen en gevoelens moeten uiteengerafeld worden en omgesmolten tot een nieuw begrip.*

Wat Parker brengt bij de andere tentoonstelling: About Time; Video, Performance and Installation by 21 women artists (zie ook aflevering 492).*

*Uit: Rozsika Parker, Feminist art practices in ‘Women’s Images of Men’, ‘About Time’ and ‘Issue’. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.235-237.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 494 Hetzij ‘mooi’, ‘interessant’, hetzij ‘lelijk’, ‘extremistisch feministisch’

Louise Bourgeois, tentoonstelling Double Sexus, 11102010 t/m 16012011. Foto: Susan Hol, 2010, met toestemming Haags Gemeentemuseum, in kader van artikelen over vrouwen in de kunst voor tijdschrift Lover. Bewerking foto: Susan Hol.

De kritieken bij de tentoonstelling Women’s Images of Men (zie aflevering 493) bedwingen voornamelijk het ongemak dat de expositie veroorzaakt, schrijft Rozsika Parker. Enerzijds is er een totale ontkenning van welk ongemak dan ook, anderzijds worden de werken weggezet als stereotypisch feminisme.*

De totale ontkenners kenmerken de expo als mooi, interessant, niet echt heel erg Amazone-achtig en zelfs als zeer vleiend voor het mannelijk ego. Ofwel, zo kenmerkt Parker, de werken vallen voor deze ontkenners in de categorie ‘geruststellend voldoend aan het vrouwelijke stereotype’.*

De totale wegzetters kenmerken de kunstwerken als agressieve uitbarstingen van niet-representatieve neurotici, als een door woede gesaboteerd streven. Ofwel, zo kenmerkt Parker, voor deze wegzetters geldt de categorie ‘lelijk en extremistisch feministisch stereotype dat je moet afwijzen en beschimpen’.*

Ja, het is lastig voor die critici om iets anders te doen dan ze altijd deden in de veilige door mannen gedomineerde kunstwereld. Voor vrouwen was er altijd en eeuwig dat vrouwelijke stereotype waarin ze koste wat kost geperst werden, en met de komst van het feminisme houdt de criticus vast aan dat eeuwige vrouwelijke stereotype en zet feministische kunst daartegen af.*

Maar, jawel, er komen toch mannen met een nieuwe strategie. Zij delen de feministische kunst in twee categorieën in: werk van redelijke feministen, die gewoon gelijke rechten eisen, en werk van feministen dat op fiks geruzie kan rekenen.* Tjonge, ja, een hele vooruitgang.

Wie wat waarover ook zei, de tentoonstelling is uitdagend en populair. Het breekt de bezoekersrecord van alle vorige tentoonstellingen bij de ICA (zie aflevering 492). De meeste vrouwen vinden het werk boeiend, ze herkennen de getoonde patronen in de manier waarop vrouwen mannen zien. Verder is er een aantal terugkerende thema’s over de manier waarop vrouwen van oudsher mannen weergeven.*

*Uit: Rozsika Parker, Feminist art practices in ‘Women’s Images of Men’, ‘About Time’ and ‘Issue’. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.235-237.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 493 De Man wordt man(netje)

Mikey Cuddihy, Serpentine Gallery 1981. Gevonden op haar site: https://mikeycuddihy.co.uk/mikeycuddihyart.html.

De feministische tentoonstellingen bij de ICA (zie aflevering 492) laten de verscheidenheid van de feministische kunstpraktijk zien. Is er zoiets als feministische kunst? Neen, zeggen die tentoonstellingen volgens Roszika Parker. De werken ‘bemoeien’ zich met de belangrijkste stromingen en instellingen van de hedendaagse kunstpraktijk in die jaren 1970/80, hetzij door ermee te spelen, hetzij door er kritische vragen over te stellen.*

Wat feministen hebben bereikt in die jaren 1970/80, aldus Parker, is dat de ervaring van vrouwen niet meer in stilte wordt beleefd en verwerkt, en dat alle aannames over kunst en de kunstenaar in het juiste licht is komen te staan: de ideeën van de witte, mannelijke middenklasser.*

De tentoonstelling Women’s Images of Men gaat hoofdzakelijk op inhoudelijk niveau over verandering. De organisatoren hebben deelnemers aangetrokken met de vraag ‘Vrouwen, hoe zien jullie mannen?’ Te zien zijn schilderijen die een verhaal vertellen (narrative painting), sculpturen, tekeningen en fotografisch werk. Vooral voor figuratieve kunst is ruim plaats gemaakt, omdat de organisatoren én de vrouwenbeweging én de gebruikelijke galeriebezoeker willen bedienen.*

Het onzichtbare moet zichtbaar gemaakt worden, zo is de ambitie van de tentoonstellingsmakers, door aspecten van onderdrukking en censuur te onthullen. De door vrouwenogen gepresenteerde man op de tentoonstelling houdt op te bestaan als Man, de man die gelijkstaat aan men, aan mensheid, aldus Parker. De kunstenaars trakteren de man op ‘de blik’ (zie afleveringen 311 en 488), geen ‘male gaze’ maar ‘female gaze’, een ondermijnende handeling, en de vrouwen weigeren dienst te doen als object.*

De kunstwerken zijn lastig tot niet te begrijpen voor het publiek, schrijft Parker. Dat blijkt uit de commentaren. Mensen interpreteren de kritiek op de patriarchale samenleving als een gezeur om rolomkering. De paar mannelijke naakten die aan de wand hangen vermenigvuldigen zich op miraculeuze wijze in de bange hoofden van de bezoekers, met als resultaat een discussie over aantallen in plaats van over de inhoud.*

Het bijzondere is dat de kritieken zich begeven in twee uitersten.*

*Uit: Rozsika Parker, Feminist art practices in ‘Women’s Images of Men’, ‘About Time’ and ‘Issue’. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.235-237.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 492 Verschuiving van totale afwijzing naar acceptatie

Mikey Cuddihy, Brush Painting, 1978, 180×180 cm, pinned canvas, graphite, acrylic. Gevonden op haar site: https://mikeycuddihy.co.uk/mikeycuddihyart.html.

Ik was het zelf al bijna vergeten, door al dat gepuzzel met het essay van Mary Kelly, maar ik had in aflevering 470 aangekondigd dat ik de essays van Mary Kelly, Rozsika Parker, Judith Barry en Sandy Flitterman zou bespreken.

Het essay van Parker heeft de titel Feminist art practices in ‘Women’s Images of Men’, ‘About Time’ and ‘Issue’. Het is opgenomen in Framing Feminism, maar verscheen in Art Monthly, 1981, no.43, pp.1-19.*

In 1974 is er in Londen geen galerie die een tentoonstelling accepteert van 26 vrouwelijke conceptuele kunstenaars, zo opent Parker haar essay. Het gaat om de tentoonstelling Ca.7,500, georganiseerd door de Amerikaanse critica Lucy Lippard (zie ook aflevering 359). In 1980 heeft de ICA (galerie in Londen) drie grote feministische tentoonstellingen, een filmseizoen voor vrouwen, een aantal paneldiscussies en de weekendconferentie Questions on Women’s Art, met kunstenaars van de drie tentoonstellingen en van het waagstuk Eight Artists: Women: 1980, in de Acme Gallery.*

Watskebeurt?

Of in de woorden van Parker: ‘Vanwaar die verschuiving?’*

Het kan volgens haar niet worden gezien als een symbolisch gebaar, een manier om tegemoet te komen aan feministische eisen voordat de deur weer dichtvalt. Daarvoor is de tijdspanne en het brede spectrum aan evenementen te groot.*

Een aantal factoren zorgen voor de evenementen bij de ICA, aldus Parker. Zo heeft er dankzij de vrouwenbeweging een grote bewustzijnsverandering plaatsgevonden, maar belangrijker nog zijn de strategieën van feministische kunstenaars geweest. Zij hebben sinds 1974 gestreden voor toegang tot de kunstwereld en organiseerden tegelijkertijd alternatieve tentoonstellingsruimten en stelden zelf tijdschriften samen.*

Daarnaast hebben vrouwen die binnen het systeem werkten – op kunstacademies, universiteiten, in galerieën, kunstcentra en regionale kunstgenootschappen – de inspanningen van vrouwen gesteund. Tegelijkertijd ontstonden er onafhankelijke netwerkgroepen met vrouwelijke kunstenaars in het hele land. Paneldiscussies, feministische conferenties en workshops behandelden keer op keer de kwestie van feministische kunst, wat dat mogelijk zou kunnen zijn.*

De tentoonstellingen bij de ICA geven het volgende antwoord: feministische kunst het bestaat niet.

*Uit: Rozsika Parker, Feminist art practices in ‘Women’s Images of Men’, ‘About Time’ and ‘Issue’. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.235-237.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 470 Het veld van de feministische artistieke praktijk

Video! In het Engels, dat dan weer wel. Straks vertel ik kort waar het over gaat. Eerst: hoe kom ik bij deze video?

‘Tot op heden zijn er verschillende pogingen gedaan om het veld van de feministische artistieke praktijk in kaart te brengen’, schrijft Griselda Pollock in 1987 (zie ook aflevering 469).*

Ze verwijst daarbij in een noot naar essays van Mary Kelly, Rozsika Parker, Judith Barry en Sandy Flitterman, en naar een aantal artikelen: van haarzelf; van kunstenaar Alexis Hunter (1948-2014; zie ook aflevering 414); van Lisa Tickner, kunsthistorica (zie de afleveringen 398-403 met haar bespreking van het werk van Kate Walker); en van Laura Mulvey, de Brits feministische filmcriticus die in de video bij deze aflevering te zien is.

De essays zijn in het boek Framing Feminism opgenomen en die ga ik de komende afleveringen doorspitten. De artikelen, pfft, die beschouw ik maar als ‘ontoegankelijk’, op internet is er niets van te vinden. Niet erg, inmiddels weet ik wel zo’n beetje wat er in die tijd geschreven is. Maar, tijdens het speuren naar die artikelen kwam ik dus wel de video bij deze aflevering tegen.

Mulvey geeft in deze video een mooie ‘samenvatting’ van gebeurtenissen in de jaren 1970/80. Zij is trouwens de uitvinder van de term ‘male gaze’, ofwel de mannelijke blik (zie aflevering 311). Die term ontstaat als ze, onder invloed van de activiteiten van de vrouwenbeweging, heel anders naar films gaat kijken, vertelt ze in de video. Ze was altijd een geabsorbeerde, voyeuristische toeschouwer, ofwel een mannelijke toeschouwer, maar dat verandert ineens. Ze is een vrouwelijke toeschouwer geworden, die de film van een afstand bekijkt en niet meer met die geabsorbeerde ogen.

Ze verhaalt in de video ook over het samenstellen van de tentoonstelling Frida Kahlo and Tina Modotti (besproken in de afleveringen 459-462). Verder spreekt ze over Freud, Hollywood en haar eigen tegenbioscoop.

*Uit: Griselda Pollock, II Feminism and Modernism. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.79-119.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 466 Ondermijnen en leren dat jij kunt veranderen

De ideeën van Sister Seven in het kader van het nucleair protest en de vrouwen vredesbeweging (zie aflevering 464-465), krijgen vorm in een reizende tentoonstelling (Engeland, Nieuw Zeeland, Amerika) met posters, poëzie en objecten, die te zien zijn in evenementenlocaties, buurthuizen, bibliotheken, beurzen, festivals, conferenties en instellingen voor volwasseneneducatie.*

Waar het maar kan verzorgen de leden van Sister Seven live optredens, zoals de performances Brides against the Bomb. In die performance, zo schrijven Roszika Parker en Griselda Pollock, trouwen de vrouwen gekleed als bruiden om de beurt met een raket: ‘iemand met een goede baan bij het ministerie van Defensie’. In eerste instantie is de bruid bereidwillig, maar wanneer ze zich verzet, wordt ze vastgebonden aan de raket. Het publiek strooit met vredesconfetti en uiteindelijk weet de bruid zichzelf te bevrijden. Ze verklaart zichzelf sterk en vrij.*

Deze performance maakt gebruik van de traditionele ideeën rondom het huwelijk, aldus Parker en Pollock. Het ondermijnt de veronderstelde passiviteit van vrouwen, doordat de ‘bruiden’ via eigen acties (en die van anderen, het publiek dat vredesconfetti strooit) zichzelf vrijmaken. Tegelijkertijd is er de link naar het nucleaire debat, namelijk door te suggereren dat raketten niet noodzakelijk zijn maar hooguit een onderdeel van een slecht huwelijk, een contract voor het leven dat verbroken kan en moet worden wanneer dit het leven in gevaar brengt.*

De noodzaak is om de kwesties zo te presenteren dat de betovering van onvermijdelijkheid wordt verbroken, schrijven Parker en Pollock, en gewone mensen het gevoel te geven dat zij in staat zijn om hun toekomst te veranderen.*

In de media is de kracht van beelden alomtegenwoordig, het is een middel om het denken van mensen te beïnvloeden en zelfs wat mensen zich aan mogelijkheden (niet) kunnen voorstellen. Het is op dit gebied dat volgens Parker en Pollock de feministische kritiek en weerstand het meest urgent en potentieel effectief is. Het middel hiertoe zijn de communicatieprocessen die je in de kunsten ziet, met haar onmiddellijkheid en mogelijkheid van betrokkenheid en discussie. Dit kan de dominante, onbeantwoordbare boodschappen van de publieke media doorbreken, aldus Parker en Pollock.*

De video bij deze aflevering komt uit het hier en nu, een TEDxLausanne over Gender, War and Peace en duurt 13:44.
*Uit het boek Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.3-78.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.

Aflevering 465 Sister Seven, samenwerkingskunstgroep tegen nucleaire dreiging

Sister Seven, 1981, een groep feministische schrijvers, dichters en kunstenaars, waaronder Monica Ross, Shirley Cameron, Evelyn Silver, Liz Hibbard, Mary Michaels, Gillian Allnutt. Afbeelding gevonden op: https://www.monicaross.org/artworks/SisterSeven.html.

Feministische kunstenaars, dichters en schrijvers, waaronder Monica Ross, Shirley Cameron, Liz Hibbard, Evelyn Silver (link gaat naar YouTube filmpje waar ze een glaskunstwerk maakt), Mary Michaels en Gillian Allnutt richten een samenwerkingsgroep op, de Sister Seven (zie ook aflevering 464). Zij vormen een nationaal netwerk voor de distributie van antinucleaire affichekunst en performances in kerkzalen, bibliotheken, op festivals, bij conferenties, in winkelcentra, vredeskampen, instellingen, galerieën en op hogescholen.*

In Feminist Art News (FAN), vol.2 no.1 schrijft Monica Ross over hoe lastig het is om iets te maken dat ‘anti’ is. De vrouwen van Sister Seven zijn verontrust over de visuele representatie op het gebied van antinucleaire propaganda, aldus Ross. De vrouwen hebben het idee dat beelden die nucleaire vernietiging willen visualiseren, of de ondermijning van militaire apparatuur, eigenlijk een ongewenst effect hebben en de militaristische macht een steuntje in de rug geven.*

Immers, zo vervolgt Ross, dergelijke beelden zijn gevangen in de oorlogstaal en hebben zich verdiept in de tactieken van de verassingsaanval. Ze wekken angst en hulpeloosheid op zonder een oplossing te bieden. Dus wat te doen? De vrouwen vatten het plan op om te proberen mensen mee te nemen naar een emotionele en fantasierijke ruimte tussen kunst en propaganda, om emotionele reacties de ruimte te geven, om angst en hulpeloosheid onder ogen te zien en ze te vervangen door energie en kracht.*

Als voorbeeld noemt Ross de collage met foto’s en kleding van kinderen die de vrouwen in Greenham aan het hek rond de luchtmachtbasis hebben gehangen (zie aflevering 464).*

De Sister Seven, zo schrijven Roszika Parker en Griselda Pollock, beogen beelden te creëren die alternatieven laten zien. Ze willen een idee van vrede creëren zonder te veel in te gaan op haar tegenhanger: oorlog.*

*Uit het boek Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.3-78.

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk. Inhoudsopgave Feuilleton Abramović, met links per aflevering.